Dejan Stefanović – Guilty Pleasure

Alle odes

canva-photo-editor
Guilty pleasures. Niemand ontkomt eraan. Vaak is de boosdoener de met synthesizer doordrenkte popmuziek uit de jaren tachtig. Zelden zijn voetballers de aanstichter van dit zorgwekkende fenomeen. Bijna twintig jaar geleden werd mijn zorgvuldig opgebouwde bestaan als voetbalfan opgeschrikt door een ongemakkelijke waarheid. Ik verafgoodde een speler van de aartsrivaal. De schuldige in kwestie? Dejan Stefanović.

Ik was een notoire bezoeker van de Goffert. Een modelsupporter pur sang die elke wedstrijd zijn sportieve plicht deed: de rood-groen-zwarte manschappen hartstochtelijk naar voren schreeuwen. Het was een eendimensionaal voetballeven waarin – buiten een gezonde dosis haat – geen plek was voor de club uit Arnhem.

In 1999 werd dit beeld ruw verstoord. Vitesse contracteerde een veelbelovende verdediger afkomstig van OFK Belgrado. Het transfernieuws zag ik met lede ogen aan. Elke nieuwe aanwinst voor de vijand was er immers één te veel. De diepgekoesterde haatgevoelens hielden echter niet lang stand.

Dejan is een geboren leider. De spijkerharde verdediger bezit een onvervalste winnaarsmentaliteit. Het Servische slot op de deur straalt rust en ontzag uit. Stefanović werkt koelbloedig zijn wedstrijden af en groeit langzaam maar zeker uit tot één van de dragende krachten van Vitesse. En dat gaat niet onopgemerkt aan mij voorbij.

In het diepste geheim wordt de opmars van de robuuste voetballer door mij op de voet gevolgd. De afgunst maakt langzaamaan plaats voor bewondering. Het ondenkbare vindt plaats: de verdediger van de geel-zwarten wordt tegen alle voetbalwetten in door mij omarmd. Het is hoogverraad van het zuiverste soort. 

Deze stilzwijgende aanbidding duurt nog jaren voort, tot de speler in 2003 afscheid van Vitesse neemt. Stefanović verdwijnt voorgoed uit de Eredivisie. Een gênant voetbalhoofdstuk lijkt daarmee definitief te zijn gesloten. Niets is minder waar.

De herinneringen aan het voetbaltaboe worden ruim tien jaar later nieuw leven ingeblazen. De reden? Een onschuldig feestje met louter ongekend foute platen uit de jaren tachtig. Toto. Spandau Ballet. Fox the Fox. Er wordt met volle overgave ongegeneerd op gedanst. Club Tropicana schalt door de speakers. Ik brul schaamteloos mee. 

De avond ontpopt zich tot een eerbetoon aan alles wat fout is. En in mijn gedachten stiekem ook een beetje aan die ene geweldenaar. Aan die voetballer die ik eigenlijk nooit mocht bewonderen. En dat diep van binnen toch deed. 

De grondlegger der guilty pleasures. Dejan Stefanović.

Elke maand de beste odes en lijstjes in je mailbox? Meld je aan!

Tekst: Maarten Kuijken

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s