Brett Emerton – Blok beton

Alle odes

Sinds de jaren ’90 zijn Australiërs graag geziene gasten in de Eredivisie. Op technische hoogstandjes zal je ze niet snel betrappen: wie een Aussie binnenhaalt, weet zich vooral verzekerd van een hardwerkende, goedlachse modelprof, zoals recent nog PSV met Trent Sainsbury. Er is één man die voor mij met kop en schouders boven al deze ‘blocks from Down Under’ uitsteekt: Brett Emerton, de granieten rechtsback die aan het begin van deze eeuw grootse successen viert bij Feyenoord en mij laat zien dat je als vleugelverdediger ook best leuke dingen kunt doen in het veld.

Brett Emerton komt in 2000 samen met zijn maatje Stephen Laybutt naar Rotterdam – ik zie de aankondiging in Voetbal International nog voor me. Het zijn gouden jaren voor Feyenoord, zowel qua prestaties als qua epiek van de selectie. Het rijtje spelers dat rond de jaarwisseling onder contract staat bij de Rotterdammers én inmiddels een ode op de deze site heeft verdiend is schier eindeloos. Tininho, Ulrich van Gobbel, Tomas Rząsa, Arco Jochemsen, Paul Bosvelt, David Connolly, Radoslav Samardžić, Igor Korneev en Leonardo I – allemaal zijn ze terecht vereeuwigd als Epische Voetballer.

Nu is het eindelijk de beurt aan Brett Emerton. Waar landgenoot Laybutt al snel met zijn staart tussen de benen huiswaarts keert, verovert Brett ondanks de forse concurrentie direct een basisplaats. De doorbraak van de Australische back zorgt ervoor dat Chris Gyan wederom genoegen moet nemen met een plekje op de bank, terwijl indirect het einde van de loopbaan van Ulrich van Gobbel wordt ingeluid. En dat niet alleen: met zijn rushes richting achterlijn van de tegenstander rent hij zelfs de legendarische rechtsbuiten Gaston Taument naar de vergetelheid.

Voorganger Van Gobbel stond jarenlang bekend als ijzersterk en pijlsnel, maar Emerton laat pas echt zien wat brute kracht en pure snelheid betekent. Met zijn vierkante kop en imposante, betonnen torso – net zo breed als lang – laat hij het ene moment een willekeurige linksbuiten verbouwereerd achter, terwijl hij luttele seconden later een bal vanaf de zijlijn voorgeeft. Eén aspect van het spel van de Australiër spreekt me in die tijd echter het meest aan: Brett laat zien dat je zelfs als rechtsback – niet zelden gezien als het afvoerputje van menig voetbalteam – plezier kunt hebben in het veld.

Voor mij als jonge knaap maakt dit besef een groot verschil. Als eerstejaars C-, B- of A-junior moet ik geregeld rechts achterin plaatsnemen, terwijl ik mezelf natuurlijk het liefst zie schitteren als spelverdeler. In het tweede jaar van zo’n lichting kan ik die weliswaar aspiraties steeds uit de koelkast halen en kom ik alsnog op de nummer 10-positie terecht, maar een jaar later begint het feest weer van voor af aan. Dankzij Emerton zie ik gelukkig in dat ik ook als rechtsback het spel kan verdelen, mee op kan komen en beslissend kan zijn – dat mannetje uitschakelen komt later wel.

Ik identificeer me met Brett, hoewel we op ons identieke McDonalds-kapsel na totaal niet op elkaar lijken. Zo zorgt een Feyenoord-verdediger ervoor dat ik als PSV-aanhanger opeens weer elke zaterdag vol joie de vivre naar de club fiets. Een echte back zou ik uiteindelijk nooit worden – de spitspositie blijkt mij later bij de senioren toch net wat beter te liggen – maar ik blijf de Australiër voor eeuwig dankbaar. Brett, deze ode is voor jou.

Regelmatig de beste odes en lijstjes in je mailbox? Meld je aan!

Tekst: Erik Molkenboer

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s