Wesley Sonck – Nooit meer dezelfde

Alle odes

Anastasiou, Charisteas, Rosenberg, Cvitanich, Gabrich, Bulykin, Sigthórsson. Van over de hele wereld kwamen ze de afgelopen jaren naar Amsterdam. Allen met een CV barstensvol doelpunten en louter tevreden ex-werkgevers. Van eigen bodem kwamen de spitsen allang niet meer. Nee, stad en land werden afgezocht naar die veel scorende én meevoetballende spits; bijna een contradictio in terminis zou je denken.

Grieken, Russen, Argentijnen. Je kunt het zo gek nog niet bedenken of ze kwamen er vandaan. Klein van stuk, een tikkeltje te zwaar, strakke kapsels, kromme neuzen of donkere wenkbrauwen. Allemaal hadden ze wel iets unieks en allemaal konden ze niet voldoen aan de torenhoge verwachtingen. Mij is vooral een kleine, blonde Belg bijgebleven: Wesley Sonck.

Bonkig, potig, grote bek. Op het oog alle eigenschappen van een jongen die in het Amsterdamse wel zou aarden. Met een Belgische gouden schoen en de profvoetballer van het jaar trofee op zak toog hij in 2003 naar Amsterdam om daar de harten sneller te zullen laten kloppen. Hij had er voor Genk in minder dan 95 wedstrijden al bijna 70 doelpunten ingelegd en na elk van die doelpunten volgde steevast een radslag en een salto. Er kon geen twijfel over bestaan dat Sonck zou slagen bij Ajax.

Helaas had hij met al zijn zelfverzekerdheid en overmoed één ding over het hoofd gezien. Bij Ajax hadden ze namelijk al een spits en zijn naam was bij iedereen bekend: Zlatan Ibrahimović. Ergens moet Sonck gedacht hebben dat hij het met 22 doelpunten in zijn laatste seizoen in de Belgische competitie wel kon opnemen tegen een spits met slechts 13 doelpunten in de Nederlandse competitie. Niets blijkt echter minder waar.

Vanaf dag één wordt hem duidelijk dat er maar één eerste spits is bij Ajax en dat die niet Wesley Sonck heet. Als Ibrahimovic niet af en toe geblesseerd was geraakt zou Sonck werkelijk waar elke wedstrijd op de rechterflank geposteerd zijn. Nu scoort hij nog bijna 10 doelpunten in zijn eerste seizoen en kan hij zijn gymnastiekkunsten ook in de Arena af en toe tonen. Aan de superioriteit van Ibrahimović kan hij alleen nooit tippen.

Wanneer Sonck zelfs na het vertrek van de Zweed niet in de spits wordt opgesteld kiest hij eieren voor zijn geld en vertrekt naar de Duitse Bundesliga. Maar ook daar lukt het Sonck niet een basisplaats in de spits te veroveren en in 2007 keert hij alweer terug naar België. Na enkele magere jaren bij Belgische subtoppers sluit hij in 2014 zijn carrière af bij de amateurs van Appelterre.

Het mag allemaal niet baten en Wesley zou nooit meer de oude worden. Misschien was het de hoogmoed die voor de val kwam, domweg slechte timing of een klassiek spitsensyndroom. Hoe je het ook went of keert, ook Wesley Sonck belandt zo tegen wil en dank in dat illustere rijtje gefaalde Ajax-spitsen. Uiteindelijk blijken het toch de spitsen van eigen bodem die de harten van de Ajax-aanhang weer sneller doen kloppen.

Elke maand de beste odes en lijstjes in je mailbox? Meld je aan!

Tekst: Jorik van Enck

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s