Damien Hertog – Te klein voor het tafellaken

Alle odes

Onverwachte promoties – ik heb er een zwak voor. Het levert vrijwel altijd prachtige taferelen op. Club noch stad­ zijn klaar voor zo’n grote stap en halen in blinde paniek de ene na de andere noodgreep uit. Supporters vieren feest alsof er geen morgen is en uit de kluiten gewassen amateurs krijgen ineens de kans op het hoogste niveau uit te komen. Zo verging het ook Damien Hertog, toen het nietige RBC in 2000 totaal onverwachts de nacompetitie winnend afsloot.

Na een paar leuke seizoenen bij Excelsior in de subtop van de Totodivisie, stapte Damien in 1999 over naar RBC. De middenvelder had ongetwijfeld veel doelen toen hij de trein naar Roosendaal pakte, maar promoveren was er daar zeker niet één van. RBC had tot dan toe nog nooit in de Eredivisie gespeeld en was in de zes seizoenen daarvoor netjes in het rechterrijtje geëindigd. Damien vond die stap achteruit – want dat was het in feite – wel best. Excelsior schurkte namelijk al een aantal jaar tegen promotie aan, terwijl hij in de Totodivisie prima op zijn plek was. Hij kende zijn kwaliteiten én zijn mislukte voorgangers. Een niveautje hoger zou hij een nobody zijn, hier was hij wekelijks de man.

Hoe anders zag de wereld er een jaar later uit. In Roosendaal was het onmogelijke mogelijk geworden. Door uitgerekend Excelsior te verslaan in de finale van de nacompetitie, was RBC ineens een Eredivisieclub. Roosendaal was in extase, maar Damien was vooral beduusd. Terwijl voor de Rotterdammer een zomer vol twijfels volgde, maakte zijn werkgever in de tussentijd de ene na de andere klassieke fout om de selectie op Eredivisieniveau te brengen.

Elke obscure geldbron die voor handen was werd aangeboord, maar twee maanden later stond er een team dat niet perse beter, maar vooral ouder was geworden. Henk Vos was teruggekeerd op het oude nest, allang vergeten profs als Glenn Helder, John Veldman, Sieb Dijkstra en Pieter Huistra liepen ineens rond in Roosendaal en zelfs Regi Blinker was van de partij. Dat deze heren in de jaren negentig een aardig balletje wisten te raken ontkende niemand, maar anno 2000 had dit bonte gezelschap vooral één andere gemeenschappelijke deler: ze waren allemaal ouder dan trainer Robert Maaskant. Zo’n brok ervaring was zelfs voor een kroonprins moeilijk te managen.

Toen het stof van de drukke transferzomer was gaan liggen, trad het besef bij Damien Hertog langzaam binnen: er was niemand voor zijn positie gehaald en hij was nu dus basisspeler in de KPN Eredivisie. Al snel bleek dat het ook niet veel meer dan dat zou gaan worden. Damiens vrees voor een bestaan als niemendal was terecht. RBC behaalde een schamele 14 punten en eindigde roemloos onderaan. Toch had Hertog de smaak te pakken en hij nam zich voor het te maken in de Eredivisie.

Het bleek ijdele hoop. De gedrongen Zuid-Hollander zou het nog een aantal keer proberen op het hoogste niveau, met De Graafschap en zijn eerdere werkgevers RBC en Excelsior, maar elke poging liep op een teleurstelling uit. Aan het eind van zijn loopbaan kon Damien niets anders concluderen dat zijn jonge versie het in 1999 bij het juiste eind had. Hij was een man voor de Eerste Divisie en zou dat blijven. Het Eredivisie-tafellaken bleek voor hem net een maatje te groot.

Elke maand de beste odes en lijstjes in je mailbox? Meld je aan!

Tekst: Erik Molkenboer

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s